NSB-leider Mussert op Buitenplaats Bellinckhof

Bellinckhof | Overijssel

30 april 2020 | Merel van Spithoven


De NSB werd in december 1941 de enige toegelaten partij in Nederland. Anton Adriaan Mussert kreeg een jaar later de (ere)titel ‘Leider van het Nederlandse volk’. Hij had echter geen werkelijke macht en was in de praktijk niet meer dan woordvoerder. De NSB diende tijdens de bezetting slechts als hulptroep van de Duitsers.

Frederiks lijst
In de loop van 1941 werd het duidelijk dat de Duisters alle Joden uit Nederland wilde deporteren naar concentratiekampen. Naar aanleiding hiervan stelde de Nederlandse secretaris-generaal van Binnenlandse Zaken, Karel Johannes Frederiks, een plan op. Hij wilde een aantal Joden veiligstellen die volgens hem van maatschappelijke waarde waren. Hiervoor zouden drie landhuizen in Gelderland worden gebruikt: Kasteel de Schaffelaar, Huize de Biezen en Villa Bouchina.

Mussert-Joden
Mussert voegde 64 Joden toe aan de lijst van Frederiks. Dit waren zowel Joodse vrienden als Joden die lid waren geweest van de NSB voor de oorlog. Mussert stond erop dat deze Joden in Villa Bouchina in Doetinchem hun intrek maakten om beschermd te worden tegen de Duitse bezetter. Echter was het verhuizen naar Villa Bouchina vrijwillig, waardoor slechts negen Joden op het aanbod in gingen. Deze zogenaamde ‘Frederiks Lijst’ kwamen op 27 februari 1943 naar de buitenplaats. Op 21 april 1943 sloeg echter het noodlot als nog toe. Ze werden gedeporteerd naar het concentratiekamp Theresienstadt. Zes van de Mussert-Joden overleefden WOII.

Dolle Dinsdag
Op 4 september 1944 maakt de minister-president Gerbrandy op Radio Oranje een aankondiging. Klik HIER om het fragment te beluisteren. Hij vertelt dat de geallieerden de grens hebben overgestoken en dat het uur van de bevrijding heeft geslagen. Ondanks dat dit niet waar was, kwam Nederland in een bevrijdingsroes. De geallieerden hadden in de voorgaande dagen snel veel terrein gewonnen. Op 3 september was Brussel bevrijd en op 4 september Antwerpen. De Nederlanders verwachtten daardoor dat op 5 september Rotterdam zou worden bevrijd en daarna de rest van Nederland. Er deden geruchten de ronde dat er al steden in Nederland bevrijd zouden zijn. De Duitsers en NSB’ers in Nederland werd het te heet onder de voeten. Op 5 september sloegen ze massaal op de vlucht. Deze dag werd later bekend als Dolle Dinsdag. Hierna was de rol van de NSB als organisatie uitgespeeld.

Intrek in Bellinchof
Mussert besluit dat de NSB’ers gaan evacueren van het westen en centrum van Nederland naar het oosten. Hij verplaatst zijn hoofdkantoor van Utrecht naar Almelo waar hij samen met zijn vrouw intrekt in buitenplaats Bellinckhof. Het was het landhuis van de textielfamilie Ten Cate. Dit landhuis lag niet ver van de Duitse grens, voor het geval hij verder zou moeten vluchten. De familie Ten Cate werd van tevoren op de hoogte gesteld dat ze hun huis moesten verlaten om plaats te maken voor Mussert. Men ging ervanuit dat Mussert zijn eigen inboedel mee zou nemen, dus werd het huis helemaal leeggehaald. De inboedel werd opgeslagen in de Ten Cate fabriek in de buurt. Mussert was echter niet blij met deze gang van zaken. Hij had verwacht in een ingericht huis zijn intrek te maken. Een vrachtwagen met spullen kwam weer terug, maar de familie Ten Cate had wel een selectie van de mooiste inboedel achtergehouden in de fabriek.

Maria Witlam
Mussert woonde officieel op de Bellinckhof, maar in de praktijk sliep hij elke dag ergens anders voor de veiligheid. Zijn vrouw, Maria Witlam, woonde er wel echt. Mussert bezocht haar af en toe. Ze heeft het huis netjes bewoond en wandelde elke dag een rondje door de buurt. Ze liep met beveiliging door de moestuin naar de boerderij verderop. Hier vroeg ze om melk, maar de melk die ze kreeg was verdund met water. Er was niet veel en als de boer het verdunde met water had hij meer. Een van Musserts mannen diende een klacht in dat de melk die ze kregen zo waterig smaakte. De boer reageerde hierop door te beweren dat dit kwam door de gebrekkige voeding van de koeien. Musserts man geloofde het verhaal. De boer kreeg een hele lading aan aardappelen om de voeding te verbeteren. Dit ging uiteraard niet naar de koeien, maar de boer zorgde er wel voor dat de melk minder verdund was.

Bevrijding
Tot 2 april 1945 zetelt Mussert in Bellinckhof. Almelo wordt bevrijd op 4 april 1945. De inventaris van de Bellinckhof wordt door de Nederlandse staat in beslag genomen. De gemeente kan de spullen goed gebruiken. Na de bevrijding hebben Canadese officieren in de Bellinckhof gezeten. Zoals ook bij andere landhuizen, waren zij niet voorzichtig met het huis en maakten veel kapot.

Dit verhaal is gebaseerd op het onderzoek van Merel Spithoven, die met de huidige eigenaar van Bellinckhof Egbert Ten Cate in gesprek ging.

Naschrift
Meer te weten komen over Mussert? RTVUtrecht heeft een korte documentaire over hem gemaakt. Hierin vertelt historicus Maarten van Rossum wie deze man is en welke sporen hij in Nederland heeft achtergelaten. Maarten van Rossum over NSB-leider Anton Adriaan Mussert